

K.
Sporting Club Hasselt
Het
mag een half mirakel genoemd worden dat KSC Hasselt in het
seizoen 1979-1980 in de hoogste afdeling mocht uitkomen.
De Limburgse hoofdstedelingen waren een stabiele tweedeklasser
en in een tweede klasse met ondermeer AA Gent, STVV, Cercle
Brugge en de twee Mechelse clubs leek promotie een onbereikbaar
doel.
Toch wisten de groen-wit-blauwen in 1979 de eindronde te bereiken,
nipt weliswaar want ze eindigden op gelijke punten met Racing
Mechelen en namen de 5de plaats slechts door twee wedstrijden
meer te winnen dan de Racingers.
In die eindronde was AA Gent de gedoodverfde favoriet en waren
ook Diest en Tongeren, met Lei Clijsters en Jos Daerden, sterke
tegenstanders.
AA Gent maakte in eerste instantie de favorietenrol waar en
het was het verrassende Hasselt dat de grootste concurrent
bleek te zijn.
Op 21 mei 1979 werd de heenwedstrijd in Gent gespeeld en weinigen
gaven het moedige Hasselt een kans tegen een AA Gent dat ondermeer
Aad Koudijzer en de Braziliaan Giba in de rangen telde.
Het zag er nog rooskleuriger uit voor de Buffalo's toen de
Hasseltse doelman Hermans al na 2 minuten met een rode kaart
van het plein werd gestuurd.
De slechts 20-jarige reservedoelman de Bellefroid werd ingebracht
en zou die dag een absolute hoofdrol opeisen. De student heerste
in het luchtruim en elke Gentse aanval stuitte op de jonge
doelman.
In de 68ste minuut werd de druk nog verder opgevoerd toen
de Hasseltse middenvelder Marc Billen van het veld werd gestuurd.
De Bellefroid bleef echter onverslaanbaar en zelfs de 13 minuten
blessuretijd die door een vreemd leidende ref Peeters werden
bijgeteld bleken niet genoeg om Gent de overwinning te geven.
De “Fantast van het Ottenstadion” had Hasselt
in de race gehouden en Hasselt kon in de thuismatch tegen
Gent de overhoopte promotie veilig stellen.
16,000 mensen zagen op 31 mei 1979 in een gevaarlijk overvol
sportstadion het onwaarschijnlijke gebeuren. Hasselt versloeg
AA Gent met 1-0 en 15 jaar nadat Hasseltse VV en Excelsior
Hasselt fuseerden had de Limburgse hoofdstad ook zijn ploeg
in de hoogste afdeling van het voetbal.
Voor
de match tegen Gent zat het kleine stadion overvol.
Het feestgedruis maakte al snel plaats voor de nuchterheid.
Hasselt was totaal niet klaar voor eerste klasse, het stadion
was te klein, de spelersgroep te onervaren op het hoogste
niveau en met Thor Waterschei, Winterslag en Beringen waren
er al 3 eersteklasseclubs in de onmiddelijke omgeving zodat
de leefbaarheid van de club al snel in vraag werd gesteld.
Trainer Mangelschots predikte waakzaamheid en de enige grote
aankoop was de ondertussen al 35 jaar oude Peter Ressel.
Ressel die in België zijn sporen had verdiend bij Anderlecht
kwam op 3 september over van de NASL ploeg Chicago Sting en
van hem werden de broodnodige doelpunten verwacht.
Eerste Klasse
De eerste opdracht was al meteen een ontgoocheling: in de
4de ronde van de beker werd met 2-0 verloren van derdeklasser
Roeselare.
In de competitie was de start wel goed. In de eerste match
werd in Beringen gelijkgespeeld en in de eerste thuismatch
werd mede-promevant Cercle met 2-1 verslagen.
Op de derde speeldag werd dan wel met zware 4-0 cijfers verloren
van het grote Club Brugge maar in de volgende thuismatch maakte
debutant Ressel twee doelpunten en werd Charleroi met 3-0
verslagen.
In plaats van voor de degradatie te strijden, stonden de nieuwkomers
plots in de subtop.
De meest optimistische Hasselaars droomden al van de Europese
plaatsen.
De volgende matchen brachten iedereen weer met de voeten op
de grond, een 0-1 uitnederlaag bij de Europese topclub Anderlecht
was geen verrassing maar daaropvolgend werd thuis van RWDM
verloren en in de derbies tegen Winterslag en Waterschei kreeg
Hasselt respectievelijk 3 en 4 goals binnen en kon daartegenover
slechts 1 doelpunt maken.
Het enige lichtpuntje in die periode was de feestelijke opening
van het vernieuwe Stedelijke Sportstadion met een match tegen
Ressel's oude club: Chicago Sting.

De enige maal dat
Hasselt een dubbele pagina had in het Paniniboek. Links: Ressel
legt aan tegen Charleroi
Veel geluk zou het nieuwe stadion aan de Oude Kuringerbaan
niet brengen, de nederlagen bleven zich opstapelen: uit in
Waregem en thuis tegen Beveren werd opnieuw verloren en na
een zware 4-0 nederlaag tegen Beerschot stond de fusieploeg
in de gevarenzone.
De slechte prestaties hadden ook hun invloed op de spelersgroep
en het bestuur.
Trainer Mangelschots werd in twijfel getrokken door een gedeelte
van het bestuur en de mindere prestaties van Ressel zaaiden
verdeeldheid in de spelersgroep.
In een poging om de negatieve tendens om te keren werd de
ervaren Hongaar Kremer bij de Philadelphia Fury opgehaald
en werd op 7 november de Nederlander Georg Knobel als raadgever
naast Mangelschots aangenomen.
De aanstelling van die Knobel was het vonkje dat het kruidvat
deed ontploffen. De spelersgroep weigerde te trainen en eisten
het vertrek van zowel Knobel als Ressel.
Twee dagen later bond de club in: op 9 november werden Knobel
en Ressel bedankt voor bewezen (in het geval van Knobel: 1
training) diensten.
De rust keerde echter niet terug en na de verloren thuiswedstrijd
tegen Club Luik op 11 november nam ook trainer Mangelschots
ontslag.
De aanstelling van
Knobel werd niet overal uitbundig onthaald. Mangelschots (L),
Knobel en beheersraadslid Scheepers. Anderlecht op bezoek:
Van Binst bewaakt Veraa
De club zou de kelk tot op de bodem moeten legen: de volgende
wedstrijd was tegen het sterke Sporting Lokeren en het levensgevaarlijke
spitsenduo van Preben Elkjaer Larsen en Wlodek Lubanski ontbonden
al hun duivels. Larsen scoorde driemaal, Lubanski viermaal
en de Hasselaars werden met een zware 10-1 nederlaag terug
op de bus naar Limburg gezet.
De week erna werd de thuiswedstrijd tegen Antwerp met 1-5
verloren en een goede prestatie op Standard (0-0) ten spijt,
werd ook de volgende thuiswedstrijd met zware cijfers verloren:
0-3 tegen Lierse.
De winterstop bracht de club en zijn nieuwe trainer Pierre
Van Oostveldt geen soelaas. De eerste vijf wedstrijden in
het nieuwe jaar gingen allemaal verloren en pas op 17 februari
werd in de uitwedstrijd op Winterslag het achtste punt behaald.
De club snakte naar het einde van de competitie en na verloren
wedstrijden tegen Waregem, Beveren en Beerschot werden ze
opnieuw vernederd: 7-2 op Rocourt.
Op 6 april werd er een beetje fierheid hersteld door Lokeren
in Hasselt op 1-1 te houden maar die fierheid was van korte
duur: op Antwerp (4-0), tegen Standard (0-3) en op Lierse
(7-0, 6 goals van Erwin Van den Bergh) werd zwaar verloren.
De laatste twee wedstrijden kwamen dan ook geen moment te
vroeg. Op Cercle werd met 1-3 verloren maar in de laatste
thuismatch tegen het naburige Beringen werd 2-2 gelijkgespeeld,
meteen was Beringen ook de enige ploeg die niet van KSC Hasselt
had kunnen winnen.
De eindstand van het
seizoen 79-80.
Na één seizoen was het Hasseltse sprookje afgelopen,
de hoofdstedelingen degradeerden afgetekend terug naar de
tweede klasse en vestigden daarmee twee negatieve records:
minste punten in een seizoen (10, 12 met de 3-puntenregeling)
en meeste tegendoelpunten in één seizoen (94,
in 1993 “verbeterd” door FC Boom met 95 tegendoelpunten).
De club bleef tot het einde van de jaren 80 in 2de meedraaien
maar degradeerde op het einde van de jaren 90 terug naar de
provinciale reeksen om uiteindelijk in 2001 te fuseren met
SK Kermt tot KSK Hasselt.
Met dank aan het webteam van KSK Hasselt
|