Het komt maar zelden voor dat een voetbaldier tijdens zijn hele carrière in dezelfde biotoop verblijft. Tegenwoordig kussen spelers het logo van de club, om een jaar later voor de aartsvijand te tekenen. Kinderen van achttien staan te trappelen om hun club te verlaten voor het buitenland. Onder dit vrije verkeer van werknemers is er één man die weigert om zijn natuurlijke habitat te verlaten. De onvolprezen Pierre Denier, Pierke voor de vrienden, is al sinds 1974 niet meer weg te denken uit het Genkse voetbal.
Pierke werd geboren op 6 november 1956 in Molenbeersel. Vlak aan de Nederlandse grens groeide hij op. Samen met zijn broer Thieu trok hij zijn voetbalschoenen aan bij het plaatselijke Hoger Op Molenbeersel. Al snel viel zijn vinnigheid, zijn nooit aflatende inzet en zijn passie voor het voetbal op bij de scouts. Hij tekende in april 1974 bij FC Winterslag. Samen met zijn broer trok hij op zeventienjarige leeftijd naar de Noordlaan, in de schaduw van de mijnterril. Hij mocht eerst bij de UEFA’s ervaring opdoen en wennen aan de club maar na zeven weken vond coach Robert Waseige dat Pierke klaar was voor het grote werk. Hij mocht invallen in de met zware 7-0 cijfers verloren uitwedstrijd op Club Brugge maar een week later werd hij beloond met een eerste basisplaats. Hij bedankte meteen met twee assists. Sindsdien was hij niet meer weg te denken uit de basis van FC Winterslag.
Onder zijn leiderschap versloeg FC Winterslag het grote Arsenal in de UEFA Cup. Een wedstrijd waarvan nog menig roodzwarte nekharen omhoog gaan staan bij het vermelden ervan. Samen met zijn broer Thieu, die later via Standard en Cercle Brugge opnieuw bij Winterslag terecht kwam, was het middenveld van de Vieze Mannen onverwoestbaar. Anders dan op het veld is Pierke erbuiten een aimabele, rustige en bescheiden man. Eenmaal hij de grasmat had geroken, onderging hij een totale metamorfose en telde alleen winnen.

Denier was, en is, een echte clubmens. Zelfs in de moeilijke periodes bleef hij zijn club Winterslag trouw. Hij volgde ze tot in tweede klasse, en was één van de enigen die na de fusie met aartsrivaal Waterschei trouw bleven aan het pasgeboren KRC Genk. Hij speelde 653 keer voor de Vieze Mannen, maar in 1988 moest de knop omgedraaid worden. Het zwartrode shirt werd ingeruild voor een blauw shirt. Zonder reclame. Hij zou nog vier seizoenen voor de fusieclub spelen. In 1992 hing het nummer 7 voorgoed zijn voetbalschoenen aan de haak.
Hij kon echter geen afscheid nemen van het Genkse voetbal, en werd meteen na zijn actieve voetbalcarrière hulptrainer bij zijn KRC Genk. Aan de zijde van Pier Janssen eindigde hij in het seizoen 1992-1993 op een vijftiende plaats. Het daaropvolgende seizoen mocht hij voor een eerste keer proeven van het hoofdtrainerschap. Pier Janssen en Luka Peruzovic kregen de Genkse trein niet op de rails en vanaf januari 1994 namen Pierke Denier en Norbert Beuls over. Zij konden echter niet verhinderen dat KRC naar tweede klasse zakte.
Zijn opvolger werd de excentrieke Enver Alisic. Hij hield het iets meer dan een seizoen uit, voordat hij de laan werd uitgestuurd. Luitenant Pierre Denier was weer redder van dienst en nam het enkele speeldagen over. Aan de zijde van Aimé Antheunis, Jos Heyligen en Johan Boskamp kende KRC Genk een ware metamorfose. Tot die laatste in december 2000 werd ontslagen. Pierre Denier sprong weer in de bres en vervolledigde het seizoen. Nadat Sef Vergoossen werd ontslagen deed hij dat nog eens over. Deze keer samen met Ronny Vangeneugden. Diezelfde Vangeneugden was een seizoen lang de hoofdcoach van KRC maar tegenvallende resultaten maakten een einde aan de samenwerking. Wie anders dan Pierke Denier was weer maar eens de redder in nood, en maakte het seizoen af. Succesvol, want hij won met KRC voor de derde keer in het bestaan de Beker van België.

De brave Denier staat echter niet graag in de belangstelling en hij hoopte ten stelligste dat het de laatste keer was dat hij hoofdcoach werd. Zes maanden na die uitspraak zat hij echter nog één keer op de bank als hoofdcoach. Hein Vanhaezebroeck was net ontslagen en in afwachting van Franky Vercauteren nam Denier nog eens over.
Pierre Denier is misschien te braaf voor de harde stiel van hoofdcoach. Maar als assistent-coach kan je je geen betere wensen. Hij kent het huis door en door, heeft een tomeloze inzet, leeft mee met heel de club en hij is enorm geliefd bij de fans. De naam Pierke Denier zal voor eeuwig verbonden blijven aan KRC Genk.
|