Shelbourne FC – Leed United AFC

geplaatst in: 2007, Groundhop | 0

shelbourne

vs

leeds

 

Tolka Park, Dublin 3

Bezocht op 07/07/2007
Oefenwedstrijd: Shelbourne FC – Leeds United AFC 0-2
Toeschouwers: +/- 3.500

Het leven als groundhopper gaat niet altijd over rozen. Nadat we in april een trip naar Lyon in laatste instantie moesten afblazen, stelde ik 3 weken geleden vast dat de wedstrijd van Bohemian FC die we dit weekend in Dublin wilden bijwonen, werd verplaatst van vrijdag naar maandag. Ik vernam het nieuws via een Duitse site nota bene want zowel op de website van Bohemians zelf als op die van de Ierse voetbalbond FAI werd tot vorige week geen gewag gemaakt van een programmawijziging. Als volger van de Eircom League ben ik dan wel vertrouwd met dit soort toestanden, wennen doet het nooit. Gelukkig bieden er zich in Dublin in zulke gevallen voldoende alternatieven aan op voetbalvlak. Nadat we gisteren de leider in de Eircom League aan het werk hebben gezien op het veld van UCD staat vandaag een vriendschappelijke wedstrijd op het programma. In Drumcondra, op wandelafstand van mijn vroegere woonplaats, ontvangt uittredend Iers kampioen Shelbourne FC het ooit zo roemrijke Leeds United uit Engeland. In het programmaboekje wordt de wedstrijd door ene Peter Goulding poëtisch aangekondigd met het gedicht “When giants fall”.

De Shelbourne Football Club (Ierse naam: Cumann Peile Síol mBroin) werd in 1895 opgericht door voornamelijk protestantse arbeiders in het zuidwesten van de stad. De club dankt haar naam aan Shelbourne Road en aan de herberg Shelbourne House. Na eerst 2 jaren uitsluitend in de jeugdreeksen gespeeld te hebben gingen de “Shels” in 1897 van start met een seniorenteam. In 1904 maakte Shelbourne als eerste Ierse (semi)-profclub, 2 jaar na de stadsrivalen van Bohemian FC, zijn intrede in de Irish League. Een 2e plaats achter Linfield FC in 1907 was het beste resultaat voor de “Reds” in deze competitie die voornamelijk gedomineerd werd door clubs uit Belfast. Maar zoals vaak in Angelsaksische landen (sta me toe Ierland als “Angelsaksisch” te bestempelen) hechtten ze in Dublin meer belang aan het bekertornooi dan aan de competitie. In 1905 legde Shelbourne een quasi perfect parcours af voor de beker door eerst Bohemians en Glentoran Belfast uit het tornooi te knikkeren vooralleer in de finale op de sterkere Noord-Ieren van Distillery FC te stoten. Het zou nog een jaar duren eer in 1906 de IFA Cup voor het eerst naar het zuiden van de latere Ierse grens zou verhuizen. In Dublin versloegen de “Shels” in de finale het legendarische Belfast Celtic. Ook de volgende 2 jaren speelde Shelbourne telkens de finale maar zowel Cliftonville in 1907 als Bohemian FC in 1908 toonden zich telkens na het spelen van een replay de meerdere. Het was 3 jaar wachten eer de “Reds” revanche konden nemen op hun stadsgenoten want in de finale van 1911 gingen de “Bohs” na 2 wedstrijden voor de bijl en kon Shelbourne voor de 2e keer de IFA Cup in de hoogte steken. Er zou nog één beker volgen: in 1920 wonnen de Dubliners het tornooi zonder de finale te moeten spelen. De andere halve finale waaruit een tegenstander voor de finale moest komen eindigde in ongeregeldheden en beide potentiële opponenten werden uitgesloten.

Nadat de schreeuw om onafhankelijkheid in het zuiden van Ierland steeds luider was geworden, werd in 1921 in Dublin de Football Association of Ireland (FAI) boven de doopvont gehouden. Van de oorspronkelijke 8 teams die in de “Free State League” van start gingen zijn Shelbourne FC en Bohemian FC de enige clubs die nu nog bestaan. In de nieuwe federatie zouden de “Shels” tot de jaren ’60 gemiddeld 1 tot 2 landstitels per decennium vieren maar als gevreesde bekerploeg van weleer maakte Shelbourne na de Ierse onafhankelijkheid nog weinig klaar. Met uitzondering van bekeroverwinningen in 1939, 1960 en 1963 was het wachten tot de jaren ’90 eer Shelbourne zichzelf opnieuw bekerploeg kon noemen. Het mooiste voetbal uit de lange clubgeschiedenis speelde naar verluidt de generatie voetballers die begin jaren ’60 het rode shirt mocht aantrekken. Dankzij hoger vermelde bekerzeges en de landstitel in het seizoen 1961-62 mocht de ploeg Europees de wei in tegen grootmachten als CF Barcelona, Athletico Madrid en Sporting CP.

Maar de sterke periode kon niet worden aangehouden en in de jaren ’70 en ’80 van de vorige eeuw hing het voortbestaan van de club meermaals aan een zijden draadje. Shelbourne FC zocht een nieuw elan, veel geld en een vaste stek om haar thuiswedstrijden te spelen want decennialang zwierven de “Reds” van de ene locatie naar de andere. De redding kwam er in 1989 met als Messias de betreurde voorzitter Tony Donnelly. De nieuwe voorzitter investeerde fors in de club, verwierf het huurrecht over Tolka Park en maakte van het stadion een “all seater”, geschikt voor wedstrijden in de hoogste afdeling van de Ierse competitie. Succes bleef niet uit want nadat Shelbourne in 1992 voor het eerst in 30 jaar kampioen werd voegde het de daaropvolgende jaren nog 3 keer een Ierse beker aan het palmares toe. Het was slechts een voorbode van wat de absolute gouden periode van de club zou worden. In het millenniumjaar lukte de Dubliners voor het eerst in hun bestaan de dubbel waarna Shelbourne tot vorige winter het Ierse clubvoetbal zou blijven domineren. De “Shels” toonden zich de besten in het seizoen 2001-02 terwijl ook de titels in 2003, 2004 en 2006 aan de oevers van de rivier Tolka werden gevierd. De club speelde de voorbije 14 seizoenen ieder jaar Europees en slaagde er in 2004 als eerste Ierse club in de 3e kwalificatieronde van de Champions League te bereiken. Deportivo La Coruña toonde zich de betere maar na deze sterke prestatie durfden de Ierse media het aan om het niveau van de Eircom League te vergelijken met dat van de Belgische en zelfs de Nederlandse competitie!

Niettegenstaande de sportieve successen konden de “Reds” nooit de grote massa naar het stadion lokken. Zelfs in eigen stad heeft Shelbourne qua populariteit nooit kunnen wedijveren met Shamrock Rovers of met de buren van Bohemian FC. Erger nog, nadat ze de voorbije seizoenen schaamteloos met vette contracten de betere spelers had weggelokt bij de concurrentie, werd de club in gans Ierland verguisd. Zoveel hoogmoed en arrogantie zou niet ongestraft blijven en nadat de club een half jaar geleden haar 13e landstitel had gevierd barstte de bom. Door hun overmoedige optreden op de transfermarkt hadden de “Shels” financiële putten gegraven die niet meer te delven waren. Begin dit jaar (de competitie loopt in Ierland van maart tot december) werd de ploeg een licentie geweigerd voor de Premier Division. Spelers en trainers verlieten de club en Shelbourne gaf forfait voor de Setanta Cup, de “super league” voor de beste teams uit Ierland en Noord-Ierland. In de First Division, onze 2e klasse, moest Shelbourne opnieuw van start gaan met een volledig nieuwe kern van jonge spelers.

 

De recente geschiedenis van de bezoekers uit Leeds is algemener bekend. Nadat de club 6 jaar geleden nog de halve finale van de Champions League speelde tegen Valencia, degradeerde ze afgelopen april na een 1-1 gelijkspel thuis tegen Ipswich Town voor het eerst in haar bestaan naar de League One, de Engelse 3e klasse. Ook in het geval van Leeds werd de zware val voorafgegaan door de nodige portie hoogmoed. De miserie begon in 1998 met het aan de macht komen van de 46-jarige Peter Ridsdale als nieuwe voorzitter. Ridsdale koesterde ambitieuze plannen en de onervaren David O’Leary moest hem daarbij als trainer/manager helpen. Met talentvolle jonge spelers als Lee Bowyer, Harry Kewell, Jonathan Woodgate en Alan Smith eindigde United het seizoen 1998-99 als 4e en kwalificeerde het zich voor het UEFA Cup tornooi. Leeds waande zichzelf het nieuwe Manchester United en nadat de ploeg zich in mei 2000 wist te plaatsen voor de Champions League leek de sky helemaal the limit in Noord-Engeland. Voor voorzitter en manager kon het niet op en de club investeerde tientallen miljoenen Britse ponden in nieuw spelersmateriaal. Mark Viduka, Olivier Dacourt en Dominic Matteo kossten samen meer dan 18 miljoen pond maar kers op de taart werd Rio Ferdinand die voor nog eens 18 miljoen pond als duurste verdediger ooit werd weggehaald bij West Ham United. Ondanks de miljoenentransfers en een halve finale in de Champions League editie 2000-2001 kon Leeds zich niet plaatsen voor een nieuwe editie van de kampioenenliga en dus spendeerden de withemden het volgende seizoen nog eens 18 miljoen om Robbie Fowler en Seth Johnson binnen te halen. Manager O’Leary mocht in 3 jaar tijd meer dan 100 miljoen pond uitgeven terwijl de club een lening aanging van 60 miljoen pond. Die 60 miljoen hoopten ze in Leeds snel terug te verdienen met de inkomsten van het nieuw te bouwen stadion. Aan een plan-B werd niet gedacht en dat leek ook overbodig toen de ex-club van Jacky Charlton begin 2002 de Premier League aanvoerde met droomvoetbal. Geen vuiltje aan de lucht voor United dat 10 jaar na de vorige titel op weg leek naar een nieuwe…

En toen achtte David O’Leary zijn moment gekomen. In zijn boek “Leeds United on trial” deed de trainer/manager het relaas van het proces tegen spelers Bowyer en Woodgate die ervan beschuldigd werden een Aziatische student te hebben gemolesteerd. Het boek had een dusdanige impact op de sfeer in de spelersgroep dat United het seizoen alsnog slechts als 5e eindigde en dus opnieuw naast deelname aan de Champions League greep. Het sprookje was uit voor de 3-voudige landskampioen en 2-voudige UEFA Cup winnaar. Ridsdales financiële putten konden niet meer worden gevuld en de verkoop van Rio Ferdinand voor 30 miljoen pond aan Manchester United werd niet meer dan een pleister op een houten been. De talentvolle jongeren dienden allemaal met verlies te worden verkocht terwijl na het ontslag van O’Leary het ook op trainersvlak woelig werd. In 2004 degradeerde Leeds uit de Premier League en tot overmaat van ramp moest het stadion aan Elland Road verkocht worden om aan vereffening te ontkomen. Voor de Leeds-fans die alles met lede ogen hadden zien gebeuren moest de grootste vernedering echter nog volgen. Ken Bates, gehate ex-eigenaar van het al even gehate Londense Chelsea, verwierf in januari de helft van de aandelen van de club. Bates die als Londenaar helemaal geen voeling had met club noch regio, verving de bij de fans populaire trainer/manager Kevin Blackwell door Dennis Wise, één van zijn vroegere poulains bij Chelsea. Bovendien verhoogde hij de inkomprijzen waardoor het gemiddelde toeschouwersaantal op Elland Road terugliep van 30.000 naar 20.000. Die 20.000 zagen enkele maanden geleden hun favoriete club de dieperik ingaan.

Onze tickets voor de wedstrijd hebben we gisteren al gekocht. Omdat Engelse clubs in tegenstelling tot de lokale Ierse clubs vaak wél de massa naar het stadion lokken in Dublin had ik enigszins een overrompeling verwacht in het “ticket-office”. Ik vreesde zelfs even dat de wedstrijd misschien wel eens uitverkocht zou kunnen zijn maar de vriendelijke ticketverkopers van Shelbourne stelden ons gerust. Ze waren zichtbaar gelukkig met de Belgische interesse voor hun belangrijke oefenwedstrijd en probeerden ons ook warm te maken voor de competitiewedstrijd tegen Wexford Youths die later op de dag zou worden gespeeld. Wij hadden echter een bezoek aan UCD gepland dus zei ik dat ik een avondje Premier Division verkoos boven het geklungel van de First Division. Ik wilde het er als Bohs-fan nog eens extra inwrijven.

Omdat de stadionpoorten gewoon open stonden, hadden we gisteren na het kopen van onze tickets al gelegenheid om zowel de binnen- als de buitenkant van Tolka Park uitgebreid te fotograferen. Tolka park ligt op de oever van de rivier Tolka in de wijk Drumcondra ten noorden van het stadscentrum en is met zijn 9.680 zitplaatsen het meest complete stadion in het Ierse ligavoetbal. Oorspronkelijk was het stadion de thuishaven van de populaire club Drumcondra maar de “Drums” hielden het in 1970 plots voor bekeken. In 1989 nam Shelbourne FC, dat al decennialang regelmatig “thuiswedstrijden” speelde in Tolka Park, het lange termijn huurcontract over van toenmalig bespeler Home Farm. De “Shels” maakten van Tolka Park een “all seater” en bouwden net voor de eeuwwisseling de “Drumcondra stand” achter één van beide doelen, een tribune waarvan ik steeds het gevoel heb gehad dat ie scheef staat.
De oudste tribune van Tolka Park ligt aan de straatkant en is de “Main stand”. De rode klapstoeltjes op deze tribune zijn veel te dicht bij elkaar geplaatst, maken een afgeleefde indruk en zijn overal schots en scheef getrokken. Zowel tribune als straatgevel kunnen best een likje verf gebruiken. De andere tribunes zijn de onoverdekte “Ballybough End” achter het doel links en de half overdekte “Riverside stand” tegenover de hoofdtribune. Beide tribunes zijn uitgerust met rode, blauwe en oranje zitjes. Op de “Riverside” vormen witte stoeltjes de clubnaam “Shelbourne” terwijl de tribune achter doel slechts genoeg ruimte biedt voor de bijnaam “Shels”.

Als Bohemian supporter koester ik mooie herinneringen aan Tolka Park. Ik zag hier op een blauwe maandag 7 jaar geleden mijn eerste Bohs-match tegen de Shamrock Rovers (hier eveneens hun thuismatchen spelend, wachtend op een eigen stadion), ik zag Bohemians het Schotse Aberdeen uitschakelen in het UEFA CUP tornooi 2000-01 en ik zag mijn geliefde Ierse club vanop de Riverside stand de FAI Cup winnen in mei 2001 tegen Longford Town na een draak van een wedstrijd. Het enige wat ik mezelf nog steeds verwijt is dat ik 2 jaar geleden verstek liet gaan voor de eerste finale van de Setanta Cup tussen Shelbourne en Linfield. Terwijl ik op minder dan een kilometer van het stadion de politiehelikopter hoorde overvliegen zag ik op televisie de beelden vanuit een volgepakt en sfeervol Tolka Park.

Ondanks het mooie weer schat ik de publieke opkomst vandaag op een teleurstellende 3.500 toeschouwers. Leeds United heeft duidelijk niet meer de uitstraling die het 5 jaar geleden had. De enige speler die ik graag aan het werk had gezien, de Noord-Ierse goalgetter David Healy, tekende eergisteren een contract bij Fulham en is er dus niet meer bij. Een andere teleurstelling is de clubshop achter één van beide doelen voorbij de hoofdingang van het stadion. Groot in afmeting maar klein in aanbod worden in deze fanshop zelfs geen pins te koop aangeboden. Het enige artikel dat deze avond vlot van eigenaar zal veranderen is de speciaal ter gelegenheid van deze vriendschappelijke wedstrijd ontworpen sjaal. Nog voor de wedstrijd op gang wordt gefloten is de laatste van deze sjaals de deur uit, zo meldt de stadionomroeper trots. Een uur geleden zorgde dezelfde stadionomroeper voor het meest hilarische moment van de avond door eerst aan te kondigen dat de wedstrijd een half uur later op gang zou getrapt worden om een kwartier later zijn net eerder gemaakte mededeling te herroepen.

Typisch Ierse voetbaltoestanden dus, al zou ik niet zo ver willen gaan als het groepje Noord-Ierse Leeds supporters naast ons dat voortdurend “You’re just a third world country!” scandeert. Beetje raar toch om dit te moeten horen uit de mond van een groepje afstotelijke misfits dat zelf afkomstig is uit één van de meest achterop gestelde regio’s in West-Europa. Het zootje ongeregeld blijft tot het einde van de wedstrijd ook roepen op hun nationale held Healy. Is dit bedoeld als hulde aan de man of weten ze echt niet dat Healy eergisteren getekend heeft in Londen? De wedstrijd zelf heeft weinig om het lijf. Misschien daarom dat de cateringcontainer van Leo Burdock die Noord-Dublin al sinds 1913 voorziet van “traditional fish ‘n’ ships” vanavond gouden zaken doet.
Omdat Shelbourne gisterenavond nog voor de competitie tegen Wexford heeft moeten spelen en omdat iedereen van de jeugdige kern wel eens tegen Leeds United in de wei wil, gunt trainer Dermot Keely zoveel mogelijk spelers een speelkans. Leeds speelt als een typische ploeg die net aan de voorbereiding van het seizoen is begonnen en komt op het halfuur via Robbie Blake uit een stilstaande fase op voorsprong. Terwijl op de tribunes beide supportersgroepen afwisselend van zich laten horen houden de “Shels” op het veld moedig stand tegen hun gerenommeerde tegenstanders. Leeds mist nog enkele huizenhoge kansen alvorens het een kwartier voor het einde van de wedstrijd via David Prutton opnieuw uit een stilstaande fase de eindcijfers vastlegt. Na de wedstrijd worden beide teams door hun respectieve supportersclans toegejuicht. Na een al bij al leuke avond verlaten we Tolka Park en trekken we te voet de stad in voor een laatste pint op Ierse bodem.

Bronnen:

Chronik eines angekündigten Todes. BILLINGHAM Neil in “11 Freunde” N° 67, juni 2007

Fussball Derbys: Die 75 Fußball-verrücktesten Städte der Welt. GISLER Omar, uitg. Copress Sport

Reflections: when Shelbourne FC were All-Ireland Champions one hundred years ago.,SANDS Christopher in “Shelbourne FC vs. Leeds Utd. Match programme”

Shelbourne FC. Wikipedia, the free encyclopedia

Shelbourne Football Club 1895-2007. in “Shelbourne FC vs. Leeds Utd. Match programme”

The Supporters’ Guide to Eircom FAI Clubs 2005. uitg. Soccer Books

Tolka Park. Wikipedia, the free encyclopedia